De beste tips voor je vakantie in Italië

Ons ondernemersverhaal deel 11 – vervolg op ons 1e jaar in Piëmonte, parlare e lavorare

Na het afgraven, puinruimen, sleuven maken voor alle leidingen, kwam het mooiste werk, nl. betonstorten. En aangezien onze beste vriend Robert eind mei een aantal dagen kwam, dachten we, dan kan die ons mooi even helpen. Dus wij cement, zand en betonmatten gekocht bij meneer Rossi en op zaterdagochtend kon het spektakel beginnen. De vloer van de toekomstige keuken ging erin. Robert maakte beton in onze nieuw aangeschafte betonmolen (één van onze beste investeringen ooit, wat hebben we dat ding veel gebruikt, en eigenlijk nog steeds) en JP reed de kruiwagens naar binnen.

Een klus van een halve dag dachten we, maar dat werd een hele dag tot een uur of 7 ’s avonds. Toen lag de vloer erin en wat was dat mooi! Alle leidingen waren weg en er lag een super gladde vloer voor in de plaats. We zagen ons hier al zitten aan de mooie lange tafel die JP zou maken. En het mooie is, we zitten er nu ook! Helemaal zoals we het bedacht hadden. Het was trouwens wel zo dat ik die avond nog even naar een wijnfeest in Asti wilde maar dat de jongens dit even oversloegen. Totaal gesloopt waren ze, hahaha. Het was tevens wederom een leermomentje, de volgende keer laten we een pompwagen komen.

Tussen alle werkzaamheden door was ik vooral bezig met ‘integreren’. Ik ging wekelijks naar Italiaanse les in Acqui en deed alle boodschappen op de markt om maar Italiaans te praten. We hadden al snel een sociaal netwerk met Italiaanse vrienden en dus ging het Italiaans iedere week beter. Ik ging ook regelmatig bij mijn buurvrouw Teresa om de koffie (uiteraard een espresso uit de Bialetti, met, jawel een scheutje grappa om 10.00 ’s ochtends, hahaha, dat heet integreren) en in de weekenden gingen we alle Sagre en Feste (lokale feestjes) af. We gingen heel goed om met onze buren, Teresa en Piero (of Pepe zoals ie door iedereen genoemd werd, hij is helaas een aantal jaar geleden overleden). Helemaal in het begin kwam Pepe langs en vroeg aan mij of JP hem even wilde helpen met het aantrekken van zijn grasmaaimachine. Tuurlijk zei ik. Dus JP op pad naar Pepe. Komt ie thuis zegt ie, ik weet hoe de buurman heet. Want helemaal in het begin wisten we dat nog niet. Dus ik vraag vol verwachting, nou, hoe heet hij? ‘Vicino’ zegt JP. Hahahaha, dat betekent dus buurman in het Italiaans.

Een ander mooi verhaal was die keer dat ie naar de bakker ging om eieren. Hij had 10x aan mij gevraagd hoe die dingen heten in het Italiaans. Dat zijn dus ‘uova’. Best een ingewikkeld woord. Dus hij vraagt aan Rina (de bakker), ‘vorrei 6 uva’, dit betekent dus ik zou graag 6 druiven willen. Rina begreep er niks van, er waren op dat moment ook nog helemaal geen druiven. Ging JP een kip nadoen door met zijn armen te wapperen. Toen begreep ze hem, hahahaha, wat hebben we gelachen.

JP zegt nog altijd, Ger is hier voor het ‘parlare’ (praten) en ik ben voor het ‘lavorare’ (werken) en dat is ook zo. Ik ben van de software, JP van de hardware. En die combinatie werkt perfect.