De beste tips voor je vakantie in Italië

Hoe maak je het perfecte pasta gerecht

Wie Italië zegt, zegt pasta. En wie houdt er nou niet van pasta. Ikzelf ben er werkelijk gek op. Als we uiteten gaan sla ik de primo nooit over. Mijn favoriet is pasta ragù. En voor mij moet dan de pasta tagliolini zijn. Wisten jullie bijvoorbeeld dat bij iedere soort pasta een eigen saus hoort? De vorm van de pasta is echt niet willekeurig, hij is ontworpen om de saus op de beste manier vast te houden.

Pasta koken is geen sinecure. Er kan heel veel misgaan met het koken van de pasta en het combineren met de saus. Ik zal hieronder uitleggen hoe je de beste pasta krijgt of anders gezegd, welke fouten je niet moet maken.

  1. Zorg voor de juiste combinatie tussen pasta en saus

Lange, dunne pasta zoals spaghetti, linguini en tagliatelle gaan goed met gladde, lichte sauzen op basis van olie, boter en gladde tomatensaus (passata). Bijvoorbeeld spaghetti alio e olio, carbonara of napolitana.

Holle of gedraaide pasta zoals penne, rigatoni of fusilli worden gebruikt voor stevige dikke sauzen met vlees en groenten die in de holtes blijven zitten. Zoals penne all’arrabbiata en rigatoni bolognese.

Platte en brede lintpasta zoals papardelle en tagliatelle zijn uitermate geschikt voor rijke, zware vleessauzen of romige sauzen met bijv. funghi porcini.

Tot slot hebben we de gevulde pasta (ravioli, tortellini) die altijd worden gecombineerd met een subtiele saus zoals burro salvia (boter en salie) om de heerlijke vleesvulling niet te overheersen.

  1. Gebruik een grote pan om de pasta te koken

Pasta heeft ruimte nodig om te koken. Dus gebruik een grote pan met veel water zodat de pasta kan ‘zwemmen’. Op die manier zal de pasta nooit aan elkaar kleven of aan de bodem blijven plakken.

  1. Gebruik nooit olie tegen het plakken van de pasta

Vaak wordt een beetje olie aan het water toegevoegd om de pasta niet te laten kleven. Dit werkt echter averechts. De olie gaat boven op het water drijven en zorgt voor een ‘film’ om je pasta zodat je saus later niet goed aan de pasta gaat hechten. Als je gewoon een grote pan gebruikt dan gaat de pasta niet aan elkaar kleven, zie punt 2.

  1. Voeg zout toe aan het pastawater

Zout toevoegen aan het water waarin je de pasta gaat koken is een must. Als het water bijna kookt voeg je een theelepel grof zout toe. Het geeft extra smaak aan je pasta!

  1. Timing is alles

Heel belangrijk is dat je saus klaar is voordat je pasta is gekookt. Het is namelijk de bedoeling dat de pasta gaar wordt in de saus. Kijk voor het koken van de pasta op het pak hoeveel minuten de pasta moet koken. Kook de pasta ‘al dente’, dat betekent beetgaar. De pasta is meestal 2 tot 3 minuten voor de officiële kooktijd die op het pak staat ‘al dente’. Haal de pasta dus 2 tot 3 minuten voor de echte kooktijd uit het water en voeg toe aan de saus. Laat de pasta doorgaren in de saus. Zo hecht de saus perfect met de pasta én blijft de structuur van de pasta intact.

  1. Pasta bij de saus, niet de saus op de pasta

Voeg de pasta altijd bij de saus, nooit de saus op de pasta. Dit is echt een grote fout. Wil je de echte Italiaanse pasta zoals je die krijgt in een restaurant, voeg dan de pasta bij de saus voor een perfecte binding. Doe er een kopje pastawater bij en je krijgt de mooiste pasta die er is.

  1. Finishing touch

De finishing touch is heel belangrijk. Voeg kaas, verse kruiden of goede olijfolie toe als de pasta op het bord ligt. Zo maak je de kwaliteit van je pasta nog hoger.

  1. Pasta eet je heet

Eet je pasta altijd direct na het koken. Dus uit de pan op je bord en aanvallen maar. Pasta moet echt heet zijn, dan proef je de smaken het beste.

En het allerbelangrijkste is dat je je pastagerecht maakt met veel liefde en passie! Want dat verdient je pasta.

Buon appetito!